20 okt Wie denkt er? Taal, denken, leren en generatieve AI

Taalontwikkeling is ook denkontwikkeling. Hoe stimuleert u als (vak)docent de taal- en denkontwikkeling bij uw studenten ondanks én dankzij generatieve AI? Taalbewust onderwijs kan een antwoord op die vraag bieden: u zorgt ervoor dat studenten vaardig op taal en denken worden. Daarmee krijgen zij de tools in handen om GenAI op een strategische en verantwoorde manier in te zetten.
GenAI heeft zowel impact op schrijfvaardigheidsonderwijs, als op leesvaardigheidsonderwijs. U kunt GenAI inzetten bij beide taalvaardigheden op een strategische manier – als hulpmiddel.
Generatieve AI kan ogenschijnlijk goede teksten produceren: de zinnen zijn correct, de spelling klopt en de toon is overtuigend. Als expert in taal en/of vakinhoud wordt echter al snel duidelijk dat in de AI-output de kritische reflectie ontbreekt, evenals de authentieke stem en werkelijk diepgaand begrip. De machine is immers niet werkelijk intelligent: de tekst is een reproductie op basis van bestaande patronen. Daarom geldt: garbage in = garbage out. Om goede output te krijgen is dus goede input nodig.
De kwaliteit van zowel input als output hangt af van vakkennis, maar ook van taal- en denkvaardigheid. GenAI-gebruikers moeten prompts kunnen formuleren en voldoende eigen input toevoegen, en vervolgens de gegenereerde tekst kunnen beoordelen. Dat vraagt om schrijf- en leesvaardigheid, en om kritisch denkvermogen. Een manier om hiernaar te kijken is onderscheid maken tussen beginners en experts, zowel in GenAI-geletterdheid als in inhoud, taal- en denkvaardigheid.
Een beginner op inhoud en GenAI-geletterdheid leert minder door (te) veel te vertrouwen op GenAI, terwijl een expert op beide vlakken weet hoe die GenAI strategisch kan inzetten en ervan leert. Het is daarom belangrijk voor uw studenten (en uzelf!) om GenAI-geletterd te zijn.
Beginners vertrouwen blindelings op de output van GenAI, wat kan leiden tot een oppervlakkig begrip en minder kritische reflectie. Zij leren weinig of niets en blijven leunen op GenAI: “ChatGPT kan dit echt beter dan ik.” Experts gebruiken GenAI daarentegen strategisch en blijven betrokken bij het materiaal. Daardoor begrijpen zij beter hoe ze de output moeten interpreteren en ze leren er meer van. De taak van de docent is dan ook om van studenten experts te maken.
Taalvaardigheid is niet iets wat zomaar in een lesje te leren is. Oefening is nodig om deze vaardigheid te ontwikkelen. Dat geldt ook voor GenAI: u moet aandacht aan GenAI-geletterdheid blijven besteden. Het moet geïntegreerd worden in het curriculum, als onderdeel van het leerproces.
Taalbewust onderwijs biedt praktische oplossingen om de taal- en denkvaardigheden van studenten te versterken. De leesvaardigheid van studenten kan bijvoorbeeld worden ontwikkeld door hen gegenereerde teksten te laten analyseren aan de hand van specifieke leesvragen. Voor schrijfopdrachten verlegt u de focus van het eindproduct naar het proces: in de les, maar ook in de beoordeling. In de les kan dat bijvoorbeeld door GenAI in verschillende rollen in te zetten, van brainstormmaatje tot redacteur en corrector.
Met taalbewust onderwijs staat het stimuleren van taal- en denkontwikkeling bij studenten centraal. Vanuit dat perspectief is het belangrijk om uw studenten ook strategisch en verantwoord te leren omgaan met generatieve AI. U leert uw studenten om hun hersenen te trainen, zodat zij met hun eigen taal hun eigen gedachten kunnen ordenen en verwoorden.
Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.